Portfoliotaal
Kenmerken van sterke formuleringen in portfoliotesten.
- De auteur laat iets zien van zijn handelen in de beroepspraktijk. “ik ......”
- De auteur laat zien dat hij inzicht heeft in de gevolgen van zijn handelen. Daarbij kunnen er positieve en negatieve gevolgen worden beschreven. “het gevolg was... ”; “daardoor ....”
- De auteur laat zien dat hij planmatig handelde. Hij laat zien dat hij een bepaalde aanpak verkoos, omdat bekend is dat daar gunstige effecten van te verwachten zijn. Hij gebruikt daarbij ook formele theorie. De voorbeelden schieten overigens nog tekort in verwijzingen naar literatuur. Mogelijke formuleringen zijn: “Van Ast et al (2024) zeggen daarover ....”; “Volgens Kohlberg .....”
- Als er geen sprake is van planmatig handelen, bijvoorbeeld omdat er iets onverwachts gebeurde waar de auteur op moest reageren, wordt de situatie achteraf geanalyseerd. Daarbij komt de auteur ook met een alternatief voor de volgende keer dat zoiets gebeurt. “Dit kan ik als volgt verklaren.... “; Een volgende keer zal ik.....”
- De auteur gebruikt het oordeel van collega’s of leerlingen om meer inzicht te krijgen in de kwaliteit van zijn handelen. “Volgens mijn leerlingen (zie bijlage x) ......”
- De auteur is heel precies en concreet in zijn analyse. Hij heeft het niet over ‘alles tegelijk’ , maar over één heel specifiek aspect van zijn professionele handelen. Hij gebruikt juist daarom de taal van het vak, de pedagogiek en de didactiek. “In videofragment Y ziet u hoe ik tijdens samenwerkend leren de individuele aanspreekbaarheid vergroot”
Navigatie
- Cursus informatie
- Persoonlijkheid
- Automatiseren
- Pedagogisch handelen
- Prestatie pedagogisch handelen
- De vijf vaardigheden van kounin
- Portfolio
- Growth mindset
- Als studiecoach
- Begeleidingsplan
- Raportcijfer
- Positieve energie
- Boeiende lessen geven
- Betere band met studenten opbouwen
- Technieken
- Laten onthouden
- Motiverende factoren
- Lesvoorbereiding
- Scenariogestuurd format
- Didactisch analysemodel
- Taxonomie van bloom
- Meta cognitieve vaardigheden
- Het VUT model
- Het OUT model
- Het CAR model
- Breinactiviteiten
- Didactisch analyse model
- Persoonlijk ontwikkel en begeleidingsplan
- Urban education
- John hattie
- Johari venster
- Diversiteit
- Hoge verwachtingen
- Onderwijs ontwerpen
- Onderwijs visie software developer
- Formele organisatie MBO
- Kenmerken van samenwerkend leren
- Constructive alignment
- Toetscyclus
- Onderwijsleergesprek
- Portfoliotaal
- Toetsen en toetsmatrijs ontwerpen met behulp van een taxonomie
- Validiteit en betrouwbaarheid van toetsen
- Summatief vs formatief
- Summatief toetsen vs formatief handelen
- Betekenis van Cesuur en normering
- Mc4 toetsvragen
- Toetsvragen maken
- Rubric maken en normering
- Beoordelen verwerken analyseren evalueren
- Dyslexie
- Faalangst
- Adhd
- Autismespectrumstoornis
- Loopbaanbegeleiding
- Ruimteverdeling inverventiecontinuum